Sprook
Lang, erg lang geleden, kwam ik in een studieboek over taalverwerving bij kinderen Lacan tegen. Samen met een paar andere psychologen / filosofen / onderzoekers / denkers was hij daar.
Ik besteedde niet zoveel aandacht aan hem maar wel schreef ik een quote van hem op:
De onbewuste wetten zijn de wetten van de taal en de symbolische orde. De vader wijst het kind op de noodzaak zich in te voegen in de symbolische orde. Waarom ik dat deed weet ik niet meer.
Jaren later, ik had studie en werk ingeruild voor de kunstacademie en gedichten schrijven, kwam ik het notitieboekje met de quote weer tegen, alsook het begin van een gedicht. Ik maakte het gedicht af en borg het weer op.
Weer jaren later besloot ik al mijn studieboeken en aantekeningen op te ruimen. En weer kwam ik het notitieboekje tegen en las de vergeten quote en het vaag herinnerde gedicht.
Zo bleef Lacan door mijn leven wandelen en uiteindelijk verdiepte ik me in zijn gedachtengoed. Alhoewel ik, dacht ik, het helemaal niet kon volgen en geïrriteerd raakte door ‘s mans gedachtengang, ging ik toch gesprekken aan met anderen over die quote, over taal en over vaders. Afgeluisterde ervaringen noem ik die.
Van deze afgeluisterde ervaringen maakte ik thuis aantekeningen en dat resulteerde in een aantal gedichten.
De gedichten gaan allemaal vergezeld van een quote van Lacan. Hij wordt wel gezien als de uitvinder van de quote avant la lettre.
Uiteindelijk is deze bundel ontstaan omdat Lacan en cyanotypie in mijn ogen en oren bij elkaar passen.
Ik hoop dat u met plezier gekeken en gelezen hebt.
IJda Smits